Blog

Home/Blog

Maar we zien Jezus

In Daniël 6 lezen we het bekende verhaal over Daniël die in de leeuwenkuil gegooid werd. Aan het eind van het verhaal staat: ‘Daniël werd uit de kuil getrokken, en hij bleek ongedeerd te zijn, want hij had op zijn God vertrouwd’ (Daniël 6:24). Ook David vertrouwde op God: ‘…ik stel al mijn vertrouwen op Uw goedheid en liefde. In mijn hart is vreugde omdat ik zeker weet dat U voor bevrijding zorgt. Ik wil een loflied voor de HERE zingen, want Hij helpt mij altijd’ (Psalm 13:6).

Betekent dit dat we altijd bevrijd worden uit de leeuwenkuilen? Nee! Jakobus werd niet bevrijd uit zijn leeuwenkuil. Hij stierf in de gevangenis door onthoofding. Stefanus werd niet bevrijd uit zijn leeuwenkuil. Hij stierf door steniging. Soms begrijpen we niet waarom God het één wel doet en het ander niet. Probeer niet alles te begrijpen. Hebreeën 2:9 zegt: ‘Doch thans zien wij nog niet, dat hem alle dingen onderworpen zijn; maar we zien Jezus met heerlijkheid en eer gekroond.’ (NBG) We mogen vasthouden aan die vier prachtige woorden: ‘maar we zien Jezus’.
Christen zijn betekent leven met dat conflict. We zullen moeten leven met de realiteit dat we niet alles begrijpen. Dat is wat de Bijbel noemt, leven in geloof. We leven in vertrouwen op God en vertrouwen impliceert dat we niet alles begrijpen. Aanvaard dat we niet overal een antwoord op krijgen! Maar blijf op God vertrouwen!

Daniël vertrouwde op God. Vanuit dat fundament van vertrouwen was hij ook vastbesloten om Gods wil te doen. Hij vertrouwde erop dat als hij Gods wil zou doen, hij dan altijd en hoe dan ook goed zou uitkomen. Vanuit dat fundament van vertrouwen bewaarde hij zijn hart. Hij kon zijn tegenstanders vergeven, omdat hij op God vertrouwde. Hij gaf het oordeel in vertrouwen over aan God.

Geef de Heilige Geest de ruimte

Deze week de laatste teaser uit Autoriteit. Ik hoop dat je ervan genoten hebt!

Jaren geleden vertelde een gemeentelid, genaamd Dick, mij het volgende verhaal. Gedurende een paar weken kwam er elke dag een mooie witte duif in zijn tuin. Dick had een voederplank voor vogeltjes in zijn tuin. Deze plank werd altijd druk bezocht en op een dag zag hij tussen de mussen, koolmezen en spreeuwen een witte duif. Deze duif kwam wekenlang elke dag naar de voederplank. Dick vond dat zo leuk dat hij besloot een mooi huisje op de plank te timmeren, dat groot genoeg was voor de duif. Dick is een kundig timmerman, dus het werd een heel fraai vogelhuisje. Toen het klaar was, zette Dick het in zijn tuin en deed wat voer in het huisje. Vol verwachting ging hij voor het raam zitten om te kijken wat de duif zou gaan doen. Na een poosje verscheen de duif en ging aarzelend het huisje binnen. Hij bleef even binnen en keek wat om zich heen. Maar al snel kwam hij weer naar buiten en vloog weg om nooit meer terug te komen.

De heilige Geest is net als die duif. Hij wil graag ruimte ervaren en niet opgesloten worden in onze structuren. Hoe veel ruimte krijgt de heilige Geest in jouw levenshuis? Is Hij leidend of wil jij graag de leiding houden en bepalen welke rol de heilige Geest in jouw leven speelt? Je zult nooit je positie van autoriteit in de wereld kunnen innemen als je de heilige Geest niet uitnodigt om de leiding te nemen. De heilige Geest zal zich niet aan je opdringen. Hij is als een gentleman. Jij bepaalt dus de ruimte die Hij krijgt. Probeer de heilige Geest niet te begrenzen. Zet de heilige Geest niet vast en doof Hem niet uit.

De Heilige Geest is onmisbaar

Vandaag de tweede teaser uit het derde deel van de trilogie: Autoriteit. Speciaal vanwege Pinksteren een stukje over de Heilige Geest:

Stel je voor dat Jezus de aarde nooit verlaten had. Dat zou toch fantastisch zijn! Dan zou ik nu in een vliegtuig kunnen stappen om naar Israël te vliegen en Jezus gewoon kunnen opzoeken. Ik zou net als Maria aan zijn voeten kunnen zitten om ademloos naar Hem te luisteren. Ik zou in de gelegenheid zijn om Hem persoonlijk te spreken en wat vragen kunnen stellen over allerlei problemen en issues waar ik mee rondloop. En ik zou persoonlijk getuige kunnen zijn van de geweldige wonderen die Hij zou doen. Wat zou dat geweldig zijn!
Maar ja, er is wel een klein probleempje. Er leven op dit moment naar schatting zo’n drie miljard christenen op aarde. En stel je voor dat de helft van al die christenen op hetzelfde moment op hetzelfde idee zou komen als ik. Dan kom ik er daar ter plekke achter dat ik achterin een gigantische rij moet aansluiten. ‘Er zijn nog 1.500.000.000 mensen voor u…’ De kans dat ik Jezus persoonlijk zou kunnen ontmoeten zou bijzonder klein zijn. En als ik dan na jaren wachten misschien toch aan de beurt zou zijn, dan kan ik maar een paar minuten met Jezus doorbrengen. Vandaar dat Jezus tegen zijn leerlingen zei: ‘Luister, dit is de waarheid: het is alleen maar goed voor jullie dat Ik wegga. Want anders kan jullie helper, de heilige Geest, niet komen. Ik zal Hem naar jullie toe sturen als Ik bij God ben’ (Joh. 16:7 BGT).
Jezus stuurde de heilige Geest als zijn plaatsvervanger naar zijn leerlingen. Maar de heilige Geest kwam niet alleen voor de leerlingen, Hij is er ook voor ons. En het goede nieuws is dat we helemaal niet in de rij hoeven te staan. De heilige Geest is er altijd voor ons, Hij hoeft niet te slapen of te eten. Hij kan met alle drie miljard christenen tegelijkertijd een gesprek voeren! Onvoorstelbaar, maar waar. De heilige Geest doet zo veel. Hij is onze trooster, Hij pleit voor ons, Hij komt in ons wonen, Hij brengt ons de woorden van Jezus in herinnering, Hij onderwijst ons, Hij getuigt van Jezus, Hij wijst ons de juiste wegen en maakt ons bekend wat komen gaat. Hij geeft ons kracht, liefde, vruchten en gaven. De heilige Geest is de schatbewaarder, de beheerder van al Gods rijkdommen. Hij is degene die vanuit Gods overvloed aan ons doorgeeft wat we maar nodig hebben. Wij kunnen niet zonder de heilige Geest!
Des te meer is het dan best verbazingwekkend dat de heilige Geest, de derde persoon van de Goddelijk drie-eenheid, voor veel christenen de grote onbekende is. De Bijbel is er heel duidelijk over dat een intieme relatie met Hem onmisbaar is en dat Hij een heel belangrijke rol in ons leven zou moeten spelen. Jezus kende de heilige Geest en Hij kon niet zonder Hem. De christenen in de eerste gemeente kenden de heilige Geest en zij konden niet zonder Hem. Zoals we al geconstateerd hebben, kenden zij de heilige Geest heel persoonlijk en werkte Hij krachtig door hen heen. Na de uitstorting van de heilige Geest met Pinksteren veranderden de leerlingen radicaal, hun onzekerheid en hun egoïsme hadden plaatsgemaakt voor het vuur en de kracht van de heilige Geest.

Leven in autoriteit

Het is zover! Het drieluik is compleet. Het derde deel, Autoriteit, is ook verschenen. Mocht je hem willen bestellen, dan kan dat hier. Natuurlijk wil ik je graag enthousiast maken voor dit nieuwe boekje. Daarom de komende weken een paar teasers, te beginnen met de inleiding. Ik hoop dat je ervan geniet!

Een poosje terug dacht ik: wat is eigenlijk een normaal christelijk leven? Waaraan herken je een christen? Is dat iemand die trouw naar de kerk gaat, de Bijbel leest, bidt, zijn tienden betaalt, zich niet bedrinkt, niet vloekt en niet naar foute films kijkt? Is dat de norm, die we met flink wat inspanning misschien nét kunnen halen? Is dat hoe we bekend willen staan? Of is er meer?
Het wordt tijd om het normale christelijke leven te herdefiniëren, want de basis daarvoor werd in de eerste gemeente gelegd. Het boek Handelingen staat vol verslagen van genezingen, bevrijdingen en wonderlijke gebeurtenissen. De kerk van de eerste eeuw heeft de voor hen toen bekende wereld binnen dertig jaar volledig op zijn kop gezet. Het licht van God scheen uitbundig en verdreef de duisternis! Het Koninkrijk van God brak krachtig door en de christenen hadden een enorme impact op de maatschappij. Ze wandelden in grote autoriteit: dat was de alledaagse werkelijkheid en dát mag ook voor ons normaal gaan worden. De heilige Geest speelt daar een belangrijke rol in. Jezus beloofde aan zijn leerlingen dat Hij de Vader zou vragen een helper te sturen. Met deze Goddelijke helper bedoelde Jezus de heilige Geest. Iedere gelovige mag zich bewust zijn van de realiteit van de heilige Geest, zonder Hem kunnen we nooit Gods kracht in ons leven ervaren. Toen de apostelen mannen moesten selecteren om een aantal praktische taken van hen over te nemen, keken ze niet in de eerste plaats naar natuurlijke bekwaamheden. Ze kozen bewust mannen uit die vervuld waren met de heilige Geest, omdat ze wisten dat de heilige Geest ervoor zorgde dat deze mannen bijzonder waren (Hand. 6:3). De vroege christenen hadden de boodschap van Jezus goed begrepen, ze wisten hoe belangrijk het was om in totale afhankelijkheid van de heilige Geest te leven.

Daar kwam Dwight L. Moody ook achter. Moody was aan het einde van de negentiende eeuw voorganger van een kerk in Chicago. Hij vond dat hij het aardig deed, maar twee oudere dames in zijn kerk merkten een gebrek aan geestelijke kracht bij hem en begonnen te bidden dat Moody de doop in de heilige Geest zou ontvangen. Toen deze gebedsstrijdsters dit aan hem vertelden, vroeg hij hun waarom ze voor hem baden. ‘Omdat u kracht nodig hebt’, antwoordden zij. Hij bedankte hen voor hun gebeden, maar maakte hun vervolgens duidelijk dat dat niet nodig was. Hij meende al kracht te hebben, hij was tenslotte leider van een grote kerk waar mensen tot geloof kwamen. Toch baden deze vrouwen stug door en Moody begon te beseffen dat er in zijn bediening niet veel van de bovennatuurlijke kracht aanwezig was die hij in de Bijbel aantrof bij gewone christenen. In Handelingen 2 zag hij duidelijk dat iemand alleen door een uitstorting van de heilige Geest de kracht ontving om getuige van Jezus te kunnen zijn. Uiteindelijk kwam hij tot de conclusie dat hij deze kracht inderdaad nodig had. Hij begon ervoor te bidden en ook vroeg hij de twee vrouwen of ze met hem wilden bidden dat God zijn kracht over hem zou uitstorten. De vrouwen baden vol overgave voor hem opdat hij vervuld zou worden met de heilige Geest. Toen kwam er een grote honger in zijn ziel en hij wist niet wat het was. Hij begon te huilen, zoals hij nog nooit had gedaan. De honger werd zo groot dat hij niet verder wilde leven als hij deze kracht voor de dienst van God niet zou ontvangen. Terwijl Moody in deze geestelijke toestand verkeerde, werd Chicago in oktober 1871 door een grote brand in de as gelegd. Moody’s huis en kerk vielen ook aan het vuur ten prooi. Maar de brand doofde zijn verlangen niet naar het vuur van de Geest en hij riep al die tijd tot God om hem te vervullen. Tot hij op een dag, terwijl hij in een straat in New York liep, vervuld werd met Gods Geest. Midden in die drukke, hectische stad werd zijn gebed verhoord. Moody getuigde: ‘O, wat een dag was dat! Ik kan hem niet beschrijven, ik spreek er vrijwel nooit over; het is bijna een té heilige openbaring om er woorden aan te geven. Paulus ondervond ook iets, waarover hij veertien jaar niet sprak. Ik kan alleen maar zeggen dat God Zich aan mij openbaarde en ik had zo’n sterke ervaring van zijn liefde, dat ik Hem vroeg zijn hand van mij af te houden om staande te blijven. Ik ging weer spreken. De preken waren niet anders dan vroeger, ik verkondigde geen nieuwe waarheden en toch kwamen er honderden tot geloof. Ik zou werkelijk niet willen terugkeren naar de tijd vóór die heerlijke ervaring, al zou je me de wereld willen geven – het zou een stofje zijn op een weegschaal.’
Dwight L. Moody is misschien wel de grootste evangelist geweest die ooit geleefd heeft. In veertig jaar tijd won hij miljoenen zielen, stichtte drie christelijke scholen, startte een christelijke uitgeverij en een conferentiecentrum en inspireerde duizenden predikers en evangelisten om mensen tot geloof te brengen en opwekkingen te starten. Kortom: Moody wandelde in grote autoriteit.
Het is mijn gebed dat jij door het lezen van dit boek sleutels zult ontvangen om te groeien in autoriteit!

Het gaat om keuzes

Veel christenen klagen dat God niet voorziet, maar dat kan te maken hebben met het feit dat ze God niet gehoorzamen! Gods liefde is onvoorwaardelijk en zijn genade is gratis, maar zijn zegeningen en de vervulling van zijn beloften zijn wel degelijk gekoppeld aan voorwaarden.

Als God zijn beloften zondermeer zou vervullen, dan zou het niet uit hebben gemaakt hoe het volk Israël zich gedragen had. Dan zouden hun keuzes niet belangrijk zijn geweest. Maar dat zou erg onlogisch zijn. God verwachtte van zijn volk dat ze zich verantwoordelijk zouden gedragen en dat ze zouden wandelen in geloof en gehoorzaamheid.
Dat verwacht hij ook van ons. De keuzes die wij in het leven maken zijn dan ook heel belangrijk. Elke keuze die we maken heeft een resultaat. De weg die je kiest bepaalt waar je uitkomt. Als het alleen bij goede voornemens blijft, kom je niet op je bestemming, hoe goed je het ook bedoelt. Dan blijf je onderweg steken. Goede voornemens kunnen je toekomst niet bepalen, maar wel de concrete keuzes die je dagelijks maakt. Mijn keuzes vandaag zijn van essentieel belang om in de toekomst in de bestemming te kunnen wandelen die God voor mij heeft.

Wij draaien het vaak om. We worden bijvoorbeeld geconfronteerd met een slechte gezondheid omdat we ongezond hebben geleefd. Of ons huwelijk is slecht, omdat we nooit de moeite hebben genomen om eraan te werken. Of we komen in financiële problemen omdat we teveel luxe spullen hebben gekocht. En dan beklagen we ons daarover bij God. Waarom overkomt mij dit? Waarom laat u dit toe, waarom grijpt u niet in? Waarom verhoort u mijn gebeden niet, waarom maakt u uw beloftes niet waar?

Maar je bent in een situatie beland die in dit geval het resultaat is van je eigen keuzes. En God respecteert jouw keuzes en hij houdt zich, in het algemeen, aan zijn universele wet van zaaien en oogsten.

Bedenk dus waar je in de toekomst terecht wilt komen en stem je keuzes steeds weer af op God en gehoorzaam hem.

Jakob gaat zijn eigen weg

ladder-naar-de-hemel-600x400

Deze weken is Jakob een thema op de site. Na de preek van vorige week deze week een blog over hem.

Als Jakob zijn vader en broer bedrogen heeft, moet hij vluchten, omdat zijn broer hem wil doden. Zijn moeder adviseert hem dan om naar haar broer Laban in Haran te gaan. Dat is een tocht van 850 kilometer! Na twee dagen reizen gunt hij zichzelf een nachtrust. Hij is dan ergens in de buurt van de plaats Luz. Hij gebruikt een steen als hoofdkussen en valt in een diepe slaap. En dan krijgt hij een droom van God. Jakob droomt dat hij een ladder op de aarde ziet staan, die tot aan de hemel reikt. En hij ziet voortdurend engelen langs die ladder omhoogklimmen en afdalen. (Genesis 28:10-15)

God geeft Jakob dan een geweldige belofte. Zijn woorden komen hier op neer: ‘Zie je niet, Jakob, dat ik voldoende helpers heb om in al jouw behoeften te voorzien? Zie je niet dat je de dromen en plannen die ik voor je heb, niet in eigen kracht in bezit hoeft te nemen? Je hoeft het niet zelf te doen. Laat los. Vertrouw op mij. Je hoeft je leven niet aan elkaar te breien met hard werken, slimmigheidjes, bedrog en manipulatie. Als je alleen maar mij mijn werk laat doen, dan zal ik ervoor zorgen dat alle beloften die je gekregen hebt, in vervulling gaan.’

Als Jakob wakker wordt, is hij verbijsterd. Hij roept uit: ‘Wat een ontzagwekkende plaats is dit, dit is niets anders dan het huis van God, dit moet de poort van de hemel zijn.’ Genesis 28:17

Dit is het huis van God. En in dat huis bevindt zich Gods voorziening. Daar is alles wat een mens nodig heeft: liefde, kracht, vrede, rust, wijsheid, geloof. Jakob is zo onder de indruk dat hij de steen die hij als hoofdkussen gebruikt had aan God toewijdt. Hij zet de steen rechtovereind als een gedenkteken en giet er olie overheen. Vervolgens noemt hij die plaats Betel. Dat betekent ‘huis van God’.

Helaas heeft deze geweldige ontmoeting met God Jakob nog niet blijvend veranderd. Hij laat de steen achter en vergeet de belofte van God. Hij maakt geen gebruik van het aanbod van God en neemt opnieuw zijn leven zelf in de hand in plaats van zich over te geven aan God. En wat is het resultaat? Hij heeft het grootste deel van zijn leven gevochten en geknokt om datgene te bereiken wat God beloofd had. Zonde, want God had het hem gewoon gegeven als hij op God had vertrouwd.

all the trends you will ever need in a lifetime
canada goose outletA Study on Brazilian Keratin Treatment
By |14 mei 2017|Blog|Reacties uitgeschakeld voor Jakob gaat zijn eigen weg

Toewijding

Een van de grootste opwekkingspredikers van de 19de eeuw Charles Finney heeft eens het volgende gezegd: ‘Ik heb veel hoop voor de bruikbaarheid van iemand die koste wat kost dagelijkse gemeenschap met God zoekt, die ervoor knokt om de hoogste geestelijke verworvenheden te vinden, die niet leeft zonder dagelijkse volharding in gebed en wordt bekleed met kracht van omhoog. De Bijbel roept ons op tot soberheid, gericht zijn op de hemelse zaken, onophoudelijk gebed en een intieme, onafgebroken wandel met God.’

Finney heeft het hier over een leven van toewijding. Wat is dat eigenlijk, toewijding? Is dat een gevoel? Is dat iets wat van binnen in je opwelt? Ik wil ter illustratie het beeld van het huwelijk nemen. Een relatie begint meestal met verliefdheid. Verliefdheid is een heerlijk gevoel, maar nooit de basis van een huwelijksrelatie. Daarvoor is het gevoel teveel op jezelf gericht: ik voel me goed bij jou. De basis van je huwelijksrelatie is niet verliefdheid, maar toewijding. Je hebt je toegewijd aan je partner. Je hebt je toegewijd om hem/haar lief te hebben en trouw te blijven, ook als je het niet voelt.

Mijn relatie met God is ook begonnen met verliefdheid, maar de basis van mijn relatie met God is niet verliefdheid, maar toewijding! Jezus riep de gemeenteleden in Efeze niet op om terug te keren tot hun eerste verliefdheid. Nee, hij riep ze op om terug te keren tot hun eerste liefde. En dat spreekt over toewijding en niet over gevoel. Zoveel christenen zijn maar op zoek naar gevoel. Dat kan een groot gevaar zijn. Als je gevoelens dan wegzakken, dan zakt je relatie met God weg. Je zoekt de kick en vervulling ergens anders, je zoekt het in de wereld. Gevolg: je relatie met God wordt minder en minder.

Ik heb mezelf toegewijd om God lief te hebben, om trouw te blijven, ook als ik het niet voel! Toewijding is een dagelijkse keus, zoals ook de omgang met God een dagelijks keus is.

Ontvang Zijn liefde!

De afgelopen weken heb ik je meegenomen in het Paasverhaal, het verhaal van Gods grote liefde voor jou. God keert zich telkens naar ons toe, als wij ons van Hem afkeren. Hij houdt echt van je, laat het tot je doordringen!

Hij kent de kleur van je ogen, Hij kent je glimlach, je gevoelens, je karakter. God vindt je echt leuk. Jij brengt een glimlach op Zijn gezicht. Hij geniet van je! Jij kan het hart van God raken zoals niemand anders dat kan. Hij vindt het heerlijk om de hele dag met je mee te gaan. Gewoon bij jou zijn is voor Hem genoeg. God wil jou niet op een afstand, Hij wil je dicht bij zich hebben. Gods hart stroomt over van liefde voor jou.

Hij stelt geen voorwaarden. Het klinkt een beetje tegenstrijdig, maar Gods liefde heeft ten diepste niets met jou te maken. Gods houdt van je, omdat Hij daarvoor kiest. Je kan Gods liefde niet beïnvloeden. Je kan de thermostaat van Gods liefde niet warmer of kouder zetten. Zijn liefde is echt onvoorwaardelijk.

Onze liefde voor anderen is vaak wel voorwaardelijk. De manier waarop anderen ons behandelen, bepaalt onze liefde voor hen. Onbewust dragen we deze houding over op onze relatie met God. We denken dat Gods liefde voor ons eveneens voorwaardelijk is. Daarom doen we vaak vreselijk ons best om indruk op Hem te maken. We proberen bijvoorbeeld met onze gebedsprestatie goed voor de dag te komen. Maar onze hemelse Vader is niet onder de indruk van onze prestaties. Zijn liefde is niet afhankelijk van onze inspanningen, zelfs niet van onze houding. Hij houdt niet van ons, omdat wij zo goed en lief zijn. Nee Hij houdt van ons, omdat Hij zo goed en lief is. Gods liefde is een vaststaand feit. Hij houdt van jou – precies zoals je bent. En zijn liefde voor jou blijft altijd even groot!

Ik wil je aanmoedigen deze week de tijd te nemen dit tot je door te laten dringen. Neem tijd met God, lees dit stukje nog eens door en laat je overspoelen door Zijn liefde!

Proclamatie voor Pasen

Zoals ik in mijn vorige blog beschreef, ging Jezus na zijn dood naar het dodenrijk. De demonen waren waarschijnlijk uitzinnig van vreugde toen Jezus het dodenrijk binnenkwam. Nu hadden ze Jezus in hun macht. Ze hadden verwacht dat Jezus kruipend en kermend binnen zou komen. Maar er gebeurde heel wat anders.

Het oogverblindende licht van God kwam de meest duistere plek binnen die er bestaat. Het Lam van God, dat de zonde van de wereld op zich had genomen, openbaarde zich in het dodenrijk als de Leeuw van Juda. Hij schudde al onze zonden van zich af en stond daar: ontzagwekkend, groots, als de overwinnaar!
Jezus verbrak de banden van de dood, die door niemand losgemaakt konden worden. De engel van de dood kon Jezus en de zijnen niet langer vasthouden. Hij eiste de sleutels van de dood en het dodenrijk en opende de kerkers van de rechtvaardigen die door de dood gevangen werden gehouden. De engel van de dood was volledig machteloos. Een grote stoet van overwinnaars volgde Jezus in zijn voetspoor. De Koning der koningen had de vijand verslagen. Het was Gods plan dat Jezus naar het dodenrijk zou afdalen om de sleutels van de dood en het dodenrijk op te eisen en de duivel, die de macht over de dood had, machteloos te maken.

Hieronder een proclamatie over wie Jezus is. Ik moedig je aan om hem tijdens deze Paasdagen te lezen en hardop uit te spreken:
Jezus is het Licht der wereld 
Jezus is het Levend woord
Jezus is de Goede herder
Jezus is de Sterke Rots
Jezus is het Levend water
Jezus is het brood des levens
Jezus is de Ware wijnstok
Jezus is de Weg en Waarheid
Jezus is de Vredevorst
Jezus is de Alpha en Omega
Jezus is Redder
Jezus is Bevrijder
Jezus is Geneesheer
Jezus is de Zoon van God
Jezus is het Lam van God
Jezus is de Leeuw van Juda
Jezus is Overwinnaar

Het belang van Jezus’ opstanding

‘Als Christus niet is opgewekt, is uw geloof nutteloos, en bent u nog een gevangene van uw zonden…’ 1 Korintiërs 15:17

Zonder opstanding zou Jezus alleen een martelaar geweest zijn van zijn overtuiging. Toen Jezus opstond uit de dood vond de grootste krachtsexplosie van alle tijden plaats. Met zijn opstanding heeft Jezus bewezen dat Hij inderdaad de overwinning heeft behaald over zonde en dood.  Het was Gods plan dat Jezus naar het dodenrijk zou afdalen om de sleutels van de dood en het dodenrijk op te eisen en de duivel, die de macht over de dood had, machteloos te maken.

Ja, je leest het goed: Jezus ging naar het dodenrijk. Hij ging niet de hel binnen!  Veel christenen verwarren het dodenrijk met de hel. Voor Jezus’ sterven en opstanding gingen alle zielen van de overledenen niet naar de hemel, maar naar het dodenrijk.

Het dodenrijk is een soort bewaarplaats waar de zielen van hen die overleden zijn worden bewaard tot het laatste oordeel. Jezus beschrijft het dodenrijk als een plek, die verdeeld is in twee plaatsen, gescheiden door een onoverkomelijke kloof. (Lucas 16:19-31) Aan de ene kant waren de rechtvaardigen en aan de andere kant de onrechtvaardigen.
De hel is door God in eerste instantie gecreëerd voor de duivel en zijn demonen. God wil niet dat er ook maar iemand naar de hel gaat. De hel is trouwens nog steeds leeg. Als Jezus terugkomt en de doden worden geoordeeld, worden satan en zijn demonen en allen die niet in het boek des levens staat opgetekend (zij die het offer van Jezus hebben afgewezen) in de hel geworpen. In Openbaring 20:14 staat dan ook dat de dood en het dodenrijk in de vuurpoel (=de hel) worden gegooid.

Goed, ook Jezus ging na zijn dood naar het dodenrijk. Ik stel me zo voor dat de demonen uitzinnig van vreugde  waren toen Jezus het dodenrijk binnenkwam. Nu hadden ze Jezus in hun macht. Ze hadden verwacht dat Jezus kruipend en kermend binnen zou komen. Maar er gebeurde heel wat anders. Het oogverblindende licht van God kwam de meest duistere plek binnen die er bestaat. Het Lam van God, dat de zonde van de wereld op zich had genomen, openbaarde zich in het dodenrijk als de Leeuw van Juda. Hij schudde al onze zonden van zich af en stond daar: ontzagwekkend, groots, als de overwinnaar! ‘En zo is Hij zijn overwinning gaan bekendmaken aan de zielen die in de onderwereld gevangen zaten.’ 1 Petrus 3:19 (Groot Nieuws Bijbel). Jezus, verbrak de banden van de dood, die door niemand losgemaakt konden worden.  De engel van de dood kon Jezus en de zijnen niet langer vasthouden.  Hij eiste de sleutels van de dood en het dodenrijk en opende de kerkers van de rechtvaardigen die door de dood werden gevangen gehouden. De engel van de dood was volledig machteloos. Een groot stoet van overwinnaars volgde Jezus in zijn voetspoor. De Koning der koningen had de vijand verslagen.

Marijke en ik zagen eens een drinkbeker in een evangelische boekwinkel met de tekst: ‘My Boss is a Jewish carpenter.’ Marijke zei tegen mij: Wat een armoede! Onze Baas is de Koning der koningen. Onze Baas staat in het boek Openbaring als volgt beschreven:

‘Tussen de lampen stond Iemand die er uitzag als de Mensenzoon. Hij droeg een lang kleed, dat tot op Zijn voeten hing en had een gouden band om Zijn borst. Zijn haar was zo wit als wol, zo wit als sneeuw en Zijn ogen schitterden als vuur. Zijn voeten glansden als gesmolten brons en Hij had een stem als een donderende waterval. In zijn rechterhand hield Hij zeven sterren; uit Zijn mond kwam een scherp, tweesnijdend zwaard en Zijn gezicht straalde en schitterde als de felle zon. Toen ik Hem zag, viel ik als dood voor hem neer. (Niets geen timmerman uit Nazareth, niets ’cute little baby’ uit Betlehem) Hij legde Zijn rechterhand op mij neer  en zei: ‘Wees niet bang. Ik ben de eerste en de laatste. Ik ben de levende. Ik ben dood geweest, maar nu leef ik voor altijd en eeuwig; Ik heb de dood en het dodenrijk overwonnen.’  Openbaring 1:13-20

Wat betekent dit voor ons?

Dat betekent dat wie in Jezus gelooft de dood niet zal zien en dus ook geen angst voor de dood meer hoeft te hebben. Paulus schrijft dat Jezus door zijn dood en opstanding ‘definitief heeft afgerekend met de heersers van de dood, de duivel, en zo allen heeft bevrijd die slaaf waren van hun levenslange angst voor de dood.’ Hebreeën 2:14-15 Zoveel mensen, ook christenen, zijn bang voor de dood. Als wij ons leven met God in orde hebben gemaakt, hoeven wij ons niet te laten intimideren door de vijand. Jezus zei: ‘Ik verzeker u: wie mijn woorden ter harte neemt, zal nooit de dood zien.’ Johannes 8:51 (Groot Nieuws Bijbel)

Jezus ging in mijn plaats de confrontatie met de dood aan en overwon! Als ik sterf, dan zal ik Jezus zien!

Geen slaaf meer van de zonde

Door de opstanding hoef ik niet alleen geen slaaf meer te zijn van angst voor de dood, ik hoef ook geen slaaf meer te zijn van de zondemacht. Veel christenen leven in een vicieuze cirkel van falen, vallen, zonde en schuldgevoel. Zij proberen hun zonden uit alle macht te onderdrukken, en in toom te houden, maar merken dat het hen niet verder helpt. Je kunt de zondemacht niet in eigen kracht verslaan. Dat hoeft ook niet! Paulus schrijft: ‘Ik bid dat u zult beseffen hoe ontzaglijk groot de kracht is, die God ter beschikking stelt aan ons die in Hem geloven. Door diezelfde kracht is Christus uit de dood teruggekomen…’  Efeziërs 1:19-20  (Het Boek). Dezelfde kracht die Jezus Christus tweeduizend jaar geleden uit de dood deed opstaan, is op dit moment beschikbaar voor jou om de zwakheden en zonden in je leven te kunnen overwinnen en die kracht is oneindig veel krachtiger dan onze eigen wilskracht. Weet je wat de 2 belangrijkste dingen het leven van een Christen zijn? Die heb ik vandaag behandeld. Het belangrijkste in het leven van een christen is 1. Christus te kennen en 2. de kracht van zijn opstanding. Paulus schrijft dan ook: ‘Het enige wat ik wil, is Christus kennen en ervaren hoe groot de kracht is, waardoor Hij uit de dood is opgestaan.’ Filippenzen 3:10 (Het Boek)

Als je nog worstelt met zonde, verkeerde gedragspatronen en verslavingen in je leven, dan heb je niet meer wilskracht nodig maar openbaring over de opstandingskracht die voor jouw beschikbaar is.