Ben jij gevoelig voor wat andere mensen van je zeggen? Hoe herken je dat?

Als mensen goed en positief over je spreken, dan voel je je gelukkig, maar als er negatief over je gepraat wordt, dan voel je je ongelukkig. De instemming en goedkeuring van anderen geven je waarde. Op deze manier word je een slaaf van de mening van anderen. Je wordt emotioneel afhankelijk van hun waardeoordeel. Je bent niet meer wat God over jou zegt, maar wat anderen van je zeggen.
Je gaat je gedragen naar de verwachtingen van anderen. En er zijn zo ontzettend veel mensen die iets van jou verwachten: je ouders, je partner, je kinderen, je collega’s, gemeenteleden, vrienden. Al die verwachtingen leggen een druk op je, of ze nu reëel zijn of alleen in jouw beleving, je gaat je ernaar gedragen. Je wordt een ‘people-pleaser’; iemand die voortdurend probeert het iedereen naar de zin te maken, omdat het belangrijk voor je is wat anderen van je vinden. Met tot gevolg dat je je in bochten wringt, je gaat rollen spelen, je bent jezelf niet meer, je bent niet meer authentiek.

Zelf heb ik vele jaren lang de rol gespeeld die mijn moeder me oplegde. Mijn moeder verstikte me bijna met haar liefde, maar als ik iets deed wat ze niet leuk vond, dan liet ze duidelijk merken dat ik haar verdriet deed. Dus was ik voortdurend bezig mijn moeder te behagen. Ik was een raar jongetje, ging bedden opmaken, boodschappen doen; ik deed van alles voor mijn moeder, als ik maar complimentjes van haar kreeg. Ik werd een verlengstuk van mijn moeder. Later, in mijn volwassen leven, zette ik dit patroon voort in mijn relaties. Pas enkele jaren geleden heb ik er heel bewust voor gekozen om niet langer de rol te vervullen die mijn moeder voor ogen had, en om die onzichtbare banden te verbreken.

Zo zijn er meer mannen en vrouwen die de rol vervullen die hun vader of moeder voor ogen hadden. Denk aan de vader die zelf niet geslaagd is in het leven en nu wil dat zijn zoon wel slaagt. Of de vader die met succes een bedrijf gestart is en nu heeft zoonlief geen keus: hij moet mee in het bedrijf, of toch in ieder geval minstens zo succesvol worden als zijn vader.

Feitelijk kom je dan in de identiteit van een ander terecht.

Als je dan uiteindelijk niet kunt voldoen aan al die verwachtingen, krijg je het gevoel dat je persoonlijk faalt. Het lukt je niet, je schiet tekort. Je kunt onmogelijk iedereen om je heen gelukkig maken. Je raakt heftig teleurgesteld in jezelf en je voelt je een mislukkeling. De ‘ideale’ voedingsbodem voor een burn-out! Je leeft niet vanuit je eigen gevoelens en wensen, maar je camoufleert je eigen ik om geaccepteerd en gewaardeerd te worden. En dat houd je op den duur niet vol.

De grondslag van mijn eigenwaarde wordt gelukkig niet door bepaald door wat anderen van me vinden. Het doet er niet toe of mijn ouders, partner of kinderen mij de hemel inprijzen of mij afkraken. Mijn waarde verandert niet door applaus of boegeroep. Zelfs als mensen zeggen hoe belangrijk ik voor hen ben, dan is dat bemoedigend, maar niet bepalend.

Het enige wat echt telt is dat ik ben verankerd in de liefde van God. De God die tegen mij persoonlijk zegt: ‘Je bent mijn zoon, mijn dochter, mijn geliefde.’

Gods liefde voor jou, zijn keuze om je onvoorwaardelijk lief te hebben, dat is het fundament van je eigenwaarde. Aanvaard dit en laat dit het allerbelangrijkste in je leven worden.